Op zondag 9 februari ’20 tijdens de eucharistieviering voorafgaande aan de Algemene Ledenvergadering kondigde voorzitter Jan Schreurs dat een speciale gast aanwezig was. Hij vroeg deze persoon om naar voren te komen. Nadat de kabinetssecretaris de ambtsketen bij de betreffende persoon had omgehangen stelde deze zich voor als Locoburgemeester van Deurne. De burgemeester van Roermond Rianne Donders – de Leest had toestemming gegeven aan Marinus Biemans om Frits Bouwmans te komen onderscheiden als lid in de orde van Oranje Nassau. De totaal verraste Frits Bouwmans werd verzocht om van het koor naar beneden te komen om zich te voegen bij de familie die ook voor deze happening was uitgenodigd. Vervolgens richtte de locoburgemeester zich tot Frits en de toehoorders en vertelde waarom het de koning behaagd had om Frits te onderscheiden. De locoburgemeester vertelt: “Frits, jij biedt vanaf 1995 jouw diensten aan als brancardier voor de Limburgse bedevaarten. Je bent 43 keer mee geweest, omgerekend is dat meer dan 8000 uren. Vanwege je goede ideeën, je inzet en gedrevenheid werd je 2002 gevraagd om als bestuurslid van de brancardiersvereniging toe te treden in de functie van penningmeester. Je bent het gehele jaar bezig met medebestuursleden om de bedevaarten in goede banen te leiden. Als teamleider ben je verantwoordelijk voor de aansturing van de brancardiers en de totale logistieke operatie van de bedevaarten. Dit is uniek want je bent de eerste Brabander die deze functie vervult. Vanaf 2016 ben je ook penningmeester voor het Wiel Huveneersfonds. Het is jouw verdienste dat oud brancardiers wanneer ze de 70-jarige leeftijd hebben bereikt met hun partner worden uitgenodigd. Als dank voor hun verdiensten krijgen ze dan een gedenkplaquette en bosje bloemen overhandigd. Door jouw enthousiasme, accuratesse, je dienstbaarheid, jouw kennis word je door iedereen die bij de Limburgse bedevaarten betrokken is op handen gedragen. Je bent een man van daden en recht door zee. Die directe manier wordt niet altijd door iedereen gewaardeerd, maar men weet wel wat men aan je heeft.” Zo ging de locoburgemeester nog een tijdje door. Zijn woorden werden aan het einde van de toespraak met luid applaus en bravo’s onderschreven.

De betrokkenheid van Frits voor de bedevaarten gaat zelf zo ver dat zijn dochters onder elkaar zeggen: “As ge ons pap nodig het, dan motte zegge dat het vur Lourdes is, dan het ie meteen tijd vur oe".